Identiteit

Op het moment dat ik dit stukje schrijf, heeft het oranje nationale voetbalelftal de avond ervoor naar een schijnbaar verschrikkelijk spannende wedstrijd het onderspit moeten delven tegen de blauwen uit Italië. Zelf vond ik dat ik belangrijkere en interessantere dingen te doen had. Ook ik heb af en toe flarden van het voetbalkampioenschap gezien. Het meest indrukwekkende vond ik de wedstrijd tussen Slovenië en Joegoslavië. Ik kwam pas kijken toen het al 3-0 voor de Slovenen stond en even later een Joegoslaaf werd weggestuurd. Je zag gelijk de agressie van de Joegoslaven, heel grappig. Toen het vervolgens 3-3 werd, was die agressie ook weg en het spel daarbij ook. Wat mij vooral verbaasde van dit toernooi was de valse betrokkenheid van de supporters. Wat bedoel ik daarmee? Nou, elke sport, spel heeft zijn spanningswaarde, amusementswaarde en inspanningswaarde. Het is eigenlijk leuk om er aan mee te doen of er naar te kijken. Of iemand wint of verliest is eigenlijk bijzaak, het is wel voor de spanning even nodig dat er iemand tijdelijk even winnaar of verliezer is. Daarmee wordt het spelletje levendiger. Het blijft daarmee een yang gebeuren. Een spel heeft nu eenmaal een winnaar èn een verliezer nodig, anders kun je niet spelen. Nu is er in mijn ogen een groot verschil tussen de spelers en de toeschouwers. De speler is per definitie yanger bij of aan het spel betrokken dan de toeschouwer. De speler laat meer zijn gevoelens tonen dan de toeschouwer. Het kan zijn dat ik uit een deel van Fryslân ben opgegroeid waar het respect voor het spel groot is, dat ik daardoor ben beïnvloed. Heel duidelijk zie je dat in de kaatssport. Als toeschouwer kun je redelijk goed deelnemen aan het spel in de vorm van het geven van adviezen. Dat zie je tot zelfs in de hoofdklasse gebeuren. De toeschouwer is gemiddeld gezien een kenner. En als de tegenstander van jouw favoriet wint dan was die tegenstander gewoon beter of had jouw favoriet maar beter hun best moeten doen. Heel helder. En nu het publiek van het nationale elftal. Ik verbaas me over de felheid van de reacties van voor, tijdens en na het optreden. Of ze nu goed of slecht spelen, winnen of verliezen. Wie spelen er eigenlijk? Zijn dat nu die mensen die op het veld staan of de mensen aan de kant op de tribune. Hoeveel geld verdienen de toeschouwers bij winst en hoeveel verliezen ze bij verlies? Zelf word ik er geen cent wijzer van. Er moet iets anders zijn. De toeschouwers mist de yangkracht van de identiteit van het eigen ik. Hun identiteit is yin geworden, op een manier dat iets wat ietwat yanger is die identiteit overneemt. Het actieve spelletje is veel yanger dan de toeschouwer en dat bepaald dan de nieuwe identiteit. Als het spelletje is afgelopen dan zit er yangheid in dat yinne lichaam en dat moet er blijkbaar uit. Dat hoor en zie je dan. Schreeuwen, brullen, vernielen, vechten en schoppen, rondrennen enz. op straat. Het maakt niet uit of er verloren of gewonnen wordt. Hoe yanger het spelletje hoe yanger de yinne conditie (ongericht, ongestructureerd) geuit wordt. Wat mij betreft wordt de conditie van de Nederlandse toeschouwer zo yin dat nog alleen pap gezegd kan worden achter de kijkbuis. Maar wil ik dan nog wel Nederlander zijn?

Martinus Jellema.